Rudi Vranckx en Lara Chedraoui brengen de vrouwelijke blik op oorlog

Een carrière als oorlogscorrespondent hoeft niet te leiden tot duisternis. Zelfs in het felste conflict vond Rudi Vranckx wel een glimp van schoonheid. In de voorstelling Door de ogen van brengt hij oorlog, maar dan bekeken vanuit de vrouwelijke blik. Naast hem zit Lara Chedraoui (Intergalactic Lovers), één van de klasbakken van muzikanten, naast Wigbert, Serge Feys en Gertjan Van Hellemont (Douglas Firs), die de voormalige VRT-journalist bijstaan.

"De waarheid is een frontlijn geworden"

Dit is je derde voorstelling, na Vriend of vijand en Kleine helden. Heb je de smaak van het podium te pakken gekregen?

Vranckx: "Zeker. Ik wil al heel mijn leven vertellen over de oorlogen in deze wereld, en dat op zoveel mogelijk manieren, desnoods als stripverhaal. Het is een steen waaraan ik blijf schaven, om hem telkens op een andere manier te presenteren. En theater is dan een heel directe manier, want op een gekke manier voel je daar meteen of het werkt of niet werkt. In sommige zalen gaat het heel goed, andere optredens voelen dan weer alsof je bij de tandarts zit."

"Ik vind dit veel leuker dan lezingen, dus. Dan voel ik me vaak alsof ik mijn sinaasappelkistje mee heb om er Hyde Parkgewijs op te gaan oreren, dit doe ik samen met andere mensen. Dat maakt het iets totaal anders, en ik leer op die manier Vlaanderen echt kennen. Mensen zijn anders op het platteland dan in de stad, ontdek je dan. Het ene publiek is gereserveerder, het andere open. En niet zoals je verwacht. Ik dacht dat West-Vlaanderen stug en gesloten zou zijn, maar dat is niet zo. Die observaties vind ik heel… komiek."

"Ik vind dit veel leuker dan lezingen. In theater voel je meteen of het werkt of niet werkt."

De kern van Door de ogen van is: oorlog gezien door vrouwen?

Vranckx: "Daarom staat centraal op het podium ook een schilderij met vrouwenogen. Dat heb ik ooit in Bagdad gekocht."

Chedraoui: "Wie aan oorlog denkt, ziet meestal mannen voor zich. De meeste oorlogsverslaggevers zijn ook mannelijk. Daarom vind ik het erg pakkend hoe Rudi nu eens enkel de kant van vrouwen laat horen. Want ook zij worden door de oorlog getroffen, én ze nemen er ook aan deel, al komt dat zelden in beeld omdat zij geen uniformen dragen."

Vranckx: "Eén van de beginbeelden die we gebruiken is dat van die 160 lichamen die in maart uit een meisjesschool zijn gehaald na een Amerikaans bombardement. Dat is het nu, en van daar vertrekken we. Er zijn de liedjes die een verhaal vertellen, de verhaaltjes die ik breng zijn samen ook één lijn, en dan hebben we via de beelden die geprojecteerd worden ook nog commentaar op wat in de wereld gebeurt. Die drie weven we door elkaar en laten we samenkomen."

"Het is dezelfde vorm als we al gebruikten voor Kleine helden, maar nu vloeit alles nog meer in elkaar over. Toen was er een tijdslijn van de jaren tachtig tot nu, met feitjes die we daarin pasten. Nu wilden we een verhaal vertellen dat iets zegt over onze tijd van nu, en de waanzin waarin we leven. En daarvoor moesten we ons niet aan een chronologie houden."

Hoe koos je je verhalen?

Vranckx: "Ter voorbereiding ben ik samen met mijn regisseur Mark (De Visscher – red.) – die ongeveer al mijn trips heeft meegemaakt – koffie gaan drinken, en hebben we herinneringen opgehaald. Zo hebben we een divers palet aan verhalen samengesteld, over personen die we hebben ontmoet, met helden, slachtoffers, martelaressen, maar ook…"

Chedraoui: "… krankzinnigen."

Vranckx: "Van Mark kwam het idee dat we de vrouw als type moesten neerzetten. Zo hebben we dus de waanzinnige vrouw, maar ook de duivelin, of de slachtoffervrouwen. En dan zijn we beginnen puzzelen, en ging alles vanzelf. 

De muzikanten zochten ondertussen liedjes die volgens hen bij het thema pasten. We gaven hen enkel een suggestie van verhaal. En dat gaat trouwens niet altijd over frontlinies. Oorlog gebeurt niet per se waar de bommen je op het hoofd vallen. Ja, het front hoort erbij, maar na twee of drie dagen is het verhaal bij de mensen te zoeken, ergens verder daar vandaan. Zo brengen we over Marioepol in Oekraïne het verhaal van de mensen die die stad ontvlucht zijn, en daarover vertellen. En dat paren we dan aan "Last Train From Mariupol" van Suzanne Vega. En zo zijn we eigenlijk beginnen breien."

Chedraoui: "Het is iets helemaal anders om die teksten op papier te lezen, dan Rudi ze op de planken te zien brengen, met de beelden erbij. Dat is bij momenten best heftig. Daarom hebben we de muziek nog wat aangepast zodat ze soms ook troost kan bieden. Neem nu het verhaal van Hind Rajab, dat kleine meisje dat in Gaza in de auto van haar ouders werd vermoord. We hebben dat al vaak met elkaar gerepeteerd, maar als we dat dan op het podium brengen, en het donker wordt in de zaal en alles uit die grote boxen komt, moet ik me echt inhouden om niet te huilen. Dan ben ik blij dat er even een moment van stilte is, met een lied om me uit dat verhaal te halen. Het heeft immers geen zin om daar in te blijven zitten, je moet het meenemen, en je afvragen wat je kunt doen."

De wereld staat op dit moment opnieuw in brand. Hoe vermijd je dat het te zwaar op de hand wordt?

Vranckx: "Dat mag het inderdaad nooit zijn, niet in een documentaire, en zeker ook niet op de planken. Er moet altijd hoop zijn, je kunt dus niet anders dan het wat oprekken. Er zit zelfs wat humor in de voorstelling. Mensen komen naar het theater voor een plezante avond, zelfs al zal het sowieso bij momenten nog altijd heavy zijn. Het is geen stand-up comedy. Het mooie is dat de muziek vaak een opwekkend kantje kan aandragen. Als je "Le temps de l'amour" van Françoise Hardy brengt, dan is dat mooi, zelfs al projecteren we daarbij beelden van soldaten die afscheid nemen als ze naar het front trekken."

Chedraoui: "De liefde die je daarop ziet, die ook spreekt uit de brieven die je voorleest uit de Eerste en Tweede Wereldoorlog, Vietnam… Zo'n afscheid was ook altijd een belofte om elkaar terug te zien. Dat Rudi ook zulke verhalen kon kiezen, maakt me blij. Het laat zien dat er ook altijd goeie dingen blijven gebeuren. Er zit in zoveel van die vrouwen, of ze nu knettergek, levensgevaarlijk of superlief zijn, een soort van verzet dat ik erg hoopgevend vind. Ze volgen geen leider, geen leger, het zijn gewoon huisvrouwen die niet bij de pakken blijven neerzitten."

Rudi, sta jij ondertussen knarsetandend aan de zijlijn, nu er zoveel gebeurt waar jij vroeger meteen bij was geweest?

Vranckx: "Weet je, ik zie niemand op dit moment vanuit Iran verslag uitbrengen. Dat zou dus ook mij niet gelukt zijn, en dan denk ik: ik kan die tijd beter gebruiken om iets te zeggen. En ja, de wereld staat in brand, maar ik ben er niet helemaal van weg aan het blijven. Ik ben ook nog altijd documentaires aan het maken. Maar had ik graag in Iran gezeten de afgelopen maanden? Waarschijnlijk wel, maar het feit is dat ik hier ben. En ik probeer daar geen verscheurdheid over te voelen. Als ik hier ben, ben ik er helemaal, en wil ik niet half daar zitten. Het grootste deel van mijn leven voelde ik me echt fysiek slecht als ik er ergens niet bij kon zijn. Dan liep ik de muren op. Nu zat ik bij het uitbarsten van de oorlog in Iran in Spitsbergen, in het hoge Noorden. Ik kon er niet verder van verwijderd zijn, ik zat in de absolute stilte, en ik kon het loslaten. Ik was blij dat ik daar was, want hier had ik me waarschijnlijk behoorlijk rusteloos gevoeld."

Chedraoui: "Ik begrijp je. Muziek mag mijn passie zijn, maar als ik in de bergen wandel, dan denk ik niet aan songs, dan ben ik omgeven door de natuur die niets van mij vraagt. Ik word daar erg rustig van."

Denk je dat we effectief, zoals vaak beweerd wordt, op een historisch scharnierpunt zitten?

Vranckx: "Ik heb al vaker het citaat van Gramsci bovengehaald: ‘de oude wereld is dood en de nieuwe wereld is er nog niet. En tussenin is dit de tijd van monsters.' Er zijn geen regels meer, en dus kunnen die doen wat ze willen. De vraag is alleen wanneer, en tegen welke prijs, en hoe de nieuwe wereld er zal uitzien. De wereldmachten dansen om elkaar heen, en vertrappen zodoende andere mensen. Het is een dans om te zien wie de macht heeft, met China dat in opkomst is, Amerika dat afbrokkelt... En het probleem is hoe we daarover onze informatie krijgen."

"‘Flood the zone with shit’, is het devies, en dus proberen ze ons van alles wijs te maken. De waarheid is een frontlijn geworden, zeker met sociale media, maar eigenlijk was het altijd zo. Op mijn allereerste buitenlandse missie tijdens de Roemeense revolutie werden wij geconfronteerd met een massagraf in de stad Timisoara. Men liet ons twaalf naakte lichamen op een grasveld zien, en men vertelde ons dat die gedood waren door de veiligheidsdiensten: een leugen. En ja, er werden mensen gedood, er was repressie, dat klopte allemaal, maar dat specifieke verhaal was niet waar. je hebt geen leugen nodig om die rest te bewijzen. Fake news is van alle tijden, dus, maar nu is de desinformatie wel bijna permanent."

Is het nog gemakkelijk om hoop te houden in deze wereld?

Vranckx: "Moeilijk. Ik weet dat ik ja moet zeggen, maar het is niet correct om dat te doen."

Chedraoui: "Voor mij is hoop zien hoe Rudi en Mark, die met eigen ogen zoveel gruwel hebben gezien, erin slagen om nog met mensen samen te werken, te genieten van een kop koffie in de zon, of van hoe wij samen muziek maken. Ze zijn niet verzuurd, en dat vind ik verbluffend. Rudi is een held voor me, maar ik was wel bang wie ik met dit project zou leren kennen. Wat als hij van binnen dood bleek? Niet dus. En dat vind ik heel erg hoopgevend, dat je getuige kunt zijn geweest van zoveel ellende en toch je menselijkheid kunt bewaren."

Vranckx: "Terugkomen van op missie betekent voor mij al heel lang: schoonheid zoeken. En er is ook altijd muziek geweest. Ik herinner me nog dat we op reportage waren in het Midden-Oosten, waar IS olieputten in brand had gestoken. Ik zie het beeld van die enorme zwarte, giftige rookwolk nog zo voor me. Plots hadden we even internet en sprong mijn muziekapp op en begon Mozart af te spelen: prachtig. Op één of andere manier werkt muziek toch altijd als een balsem."

"Ik heb nooit naar een donker mensbeeld geneigd. Zelfs als ik tijdens de Intifada in Palestina rondreed. Terwijl men rond ons met van alles smeet, zag ik plots een ezel passeren, en het enige wat ik kon denken, was 'ik sta hier precies in de Bijbel.' Zo'n beeld kan me dan heel sereen maken. Maar je moet wel gaan schuilen voor de stenen, daarna."

Matthieu Van Steenkiste

De wereld staat in brand, maar cultuur houdt ons recht. In DOOR DE OGEN VAN (di 21 april) brengt Rudi Vranckx beide dingen samen met behulp van een trits klassemuzikanten.