Jonathan van der Beek

"Wij blazen het repertoire voor hoorn nieuw leven in"

Deze zomer gooien we de deuren van de Schouwburg open voor de 25ste editie van Zomer van Sint-Pieter. Op het uitgebreide programma trekt één naam wel heel erg de aandacht: hoornist Jonathan van der Beek van het Korpus Kwartet, aanstormende belofte en sandwichman van de klassieke muziek. "De hoorn is mijn middel, niet het doel."

Waar heb jij de liefde voor klassiek opgedaan?

"Dat zat er van thuis uit in. Mijn vader is muzikant, en er stond dus altijd klassiek op bij ons thuis. Mijn moeder nam ons regelmatig mee naar kindervoorstellingen, voor ons was die muziek dus vanzelfsprekend. We werden erg gestimuleerd om daar plezier in te vinden."

"Toen mijn broer via een klasgenootje uit notenleer in het kinderkoor van het Opera Ballet Vlaanderen terechtkwam, wilde ik dat ook. Ik heb er enkele fantastische jaren gehad. Dat ik als kind al op een professioneel podium mocht staan heeft me heel erg gemotiveerd om verder te gaan met muziek, en die operawereld, maar ook het theater, verder te verkennen."

En toch ben je geen zanger geworden.

"Zoals dat gaat. Als knaap kwam natuurlijk het moment dat mijn stem brak, en zelfs al had ik als kind een behoorlijk goeie stem – ik mocht zelfs al eens een solo zingen – als volwassene bleek ze niet zo bijzonder. Ik zing nog altijd graag, heb zelfs ooit zanglessen gevolgd, maar dat is uiteindelijk wat aan de kant geschoven. Ik heb me dan ook niet verder verdiept in zingen, want ondertussen was ik al lang met hoorn bezig. "

"De schuld van Peter en de Wolf"

Hoe kwam je bij precies dat instrument uit?

(glimlacht) "Dat is de schuld van 'Peter en de Wolf' van Prokofjev. Dat stond op vakantie vaak op in de auto, en de hoorns betoverden me werkelijk. Ik was nauwelijks vier jaar, en veel andere kinderen vonden dat instrument net eng, aangezien het de komst van de wolf aankondigde, maar mij fascineerde de klank eindeloos. Van dan af aan al wist ik dat ik ooit hoorn wilde leren, maar ik heb toch nog wat jaren moeten wachten. Dat instrument is immers veel te zwaar voor een kinderlijfje."

"Dat was aanvankelijk niet met het idee om professioneel muzikant te worden. Ik speelde omdat ik het leuk vond, en oefende eigenlijk ook niet zo heel erg veel. Het ging me puur om het plezier. Toen ik naar het kunsthumaniora trok, het Lemmens-instituut, begon ik wel te beseffen dat ik van dat hoorn spelen mijn job wilde maken. Ik ben dan dus harder beginnen werken, maar dat het me uiteindelijk gelukt is, is zoals bij de meeste muzikanten, het resultaat van een hobbelig parcours. Het was een kwestie van het willen, en er hard voor werken. Doorzettingsvermogen tonen."

Waarom was het hobbelig?

"Zelfs al ben ik niet zo wild van de discussie wat nu het moeilijkste instrument is: hoorn is een moeilijk instrument om te bespelen, zonder twijfel. Op een piano moet je veel noten spelen, maar als je op een toets drukt, komt die er wel mooi uit. Bij een hoorn is het veel minder evident om die ene noot zuiver te kunnen spelen. Mensen, ook dirigenten, snappen vaak niet dat er daarom al eens iets kan misgaan, zelfs bij de beste hoornisten. Dat maakt het ook op mentaal vlak soms lastig, en het heeft er mee voor gezorgd dat het even geduurd heeft voor ik me helemaal comfortabel voelde bij dat instrument en vertrouwen kreeg. Het heeft veel ups en downs gevraagd voor ik zover was. Je moet leren accepteren dat niet alles meteen lukt, en dat is voor mij niet gemakkelijk geweest. Al kan ik dat ondertussen al beter, dat in elk geval."

In je studentenjaren heb je vervolgens het Korpus Kwartet opgericht. Wat was je bedoeling daarmee?

"Het idee was om met ambitieuze hoornisten van verschillende conservatoria een groep te vormen, als een soort van studentenproject. Er zijn immers niet zoveel hoornisten per opleiding in België, dus het was soms wat zoeken naar mensen met wie het fijn samenspelen is. Toen we elkaar gevonden hadden, hebben we onze eerste concerten gespeeld, met de bedoeling om veel bij te leren, te leren samen spelen, elkaar te leren kennen. Door de pandemie viel dat daarna even stil, terwijl we allemaal individueel beroepsmuzikant werden. Toen de wereld opnieuw openging, hebben we besloten ook dat professioneler aan te pakken. We maakten de voorstelling 'WALD' in samenwerking met Muziekzomer Gelderland, en zo waren we begonnen als professionele kamermuziekgroep."

En van lotgenotengroep groeide Korpus Kwartet uit tot een ensemble met een missie: het hoornrepertoire bekender maken?

"Het repertoire dat specifiek voor hoornkwartet is geschreven, is behoorlijk beperkt. En zelfs al zitten daar erg mooie stukken tussen, ze zijn doorgaans weinig bekend. Met ons programma op de Zomer van Sint-Pieter willen we dat dus inderdaad aandacht geven. Daarnaast vind ik het ook erg belangrijk om ook nieuw repertoire te laten schrijven voor een hoornkwartet, zodat meer mensen zin krijgen om ook in die bezetting te spelen. We hebben in 'WALD' bijvoorbeeld nieuw werk van Siebe Thijs opgenomen, en in ons programma 'ECLIPS', dat we brengen bij ons concert op Zomer van Sint-Pieter, heeft één van ons, Guillaume, hoornarrangementen gemaakt van werk van Messiaen. Ook zo proberen we het repertoire voor het instrument een nieuw leven in te blazen."

Voor de Zomer van Sint-Pieter breiden jullie uit tot een kwintet met Kristina Mascher-Turner.

"We willen met ons programma die dag verschillende facetten van de hoorn laten horen, en ook verschillende varianten van het instrument. Zo zal er ook op een natuurhoorn gespeeld worden in een stuk dat Jean-François Fétis schreef voor een kwintet. Zo zijn we bij die bezetting beland, en daar hebben we stukken bij gezocht die ook als vijftal gespeeld kunnen worden. Daarbij is er ook veel ruimte voor een solist om centraal te staan, en daarvoor hebben we Kristina Mascher-Turner aangezocht. 

Zij is met het American Horn Quartet zowat de pionier van het hoornkwartet, dus het is voor ons heel interessant om voor dit programma met haar te mogen samenwerken. Ik denk dat haar ervaring ons nog veel kan leren over samenspelen in zo'n viertal."

En wat is die natuurhoorn precies?

"De eerste, oorspronkelijke vorm van het instrument: een lange koperen, gekrulde buis, zonder ventielen. De enige manier om je noten te spelen is dus door je lipspanning te veranderen, of je hand in de beker te steken. Het is de typische hoorn die gebruikt werd bij de jacht, en die op een bepaald moment zijn intrede heeft gemaakt bij concerten in de kastelen. In de barok is men het instrument vervolgens gaan gebruiken in bepaalde aria's, waarna de hoorn in de klassieke periode een veel prominentere functie kreeg."

"Die natuurhoorn is een interessant instrument, omdat die een unieke klank heeft. Het geluid is wat rauwer, metaalachtiger en minder rond. Dat gaat het publiek bij ons optreden in Leuven ook goed kunnen horen."

Je bent in Leuven deel van het veelbeLEUVENd jong klassiek-team. Wat houdt dat in?

"Dat was een idee van Lenny Bui Vandeput, die het idee had voor een kamermuziekreeks waarbij jonge Leuvense muzikanten in verschillende bezettingen samenspelen. In het begin maakten wij daar deel van uit, nu proberen we zoveel mogelijk kans te geven aan een volgende generatie jonge muzikanten in de stad. We hebben zo al tweemaal een open call gedaan waarbij mensen zich mogen aanmelden, en wij een selectie maken die in samenwerking met 30CC tot een gevarieerd en evenwichtig programma leidt. We hebben zo al echt zotte dingen op touw gezet, zoals een Bachconcert met vier piano's op het podium, of een volledige symfonie van Beethoven in kamermuziekbezetting."

Zelf ben je op verschillende momenten uitgekozen als 'veelbelovende muzikant'. Laatst nog werd je bij Klara uitgeroepen tot veelbelovende Twintiger. Weet je wat men telkens in je ziet?

"Ik denk dat men bij zo'n selecties altijd zoekt naar verschillende soorten muzikanten, en daarbij heb ik een interessant profiel, vermoed ik. Ten eerste hoor ik vaak dat ze nog nooit een hoornist hadden gekozen, maar waarom ik dan? Ik doe hard mijn best om het instrument in de kijker te zetten, op zoveel mogelijk manieren. Ik speel natuurhoorn in oude muziekensembles, freelance bij verschillende Belgische orkesten, speel ook kamermuziek,… En ik organiseer ook veel projecten, doe muziektheater. Dat valt op, dat ik echt iets wil bijdragen aan de sector."

Het is echt een missie hé?

"In zekere zin wel. En niet alleen waar het gaat om de hoorn. Ik ben voortdurend bezig met de vraag hoe we klassieke muziek op een interessante manier naar een publiek kunnen brengen, welke hedendaagse concepten daarbij kunnen helpen, en ga zo maar door. De hoorn is daarbij eerder het middel dan het doel. Ik wil gewoon interessante muzikale concepten creëren."

Matthieu Van Steenkiste

Kristina Mascher-Turner en Korpus Kwartet (do 13 aug 2026, 12.15 uur)
Met muziek van Robert Schumann, Carl Nielsen, Dmitri Sjostakovitsj en Olivier Messiaen. 

Meer Zomer van Sint-Pieter